Licht en Lucht

Mijn zoon woont op de eerste verdieping van een flatgebouwtje. Het voortuintje dat onder zijn balkon grenst, blijkt hij bij te moeten houden, aldus het huurcontract. Elk jaar, vaste prik, krijgt hij een brief van de woningbouwvereniging waarin staat vermeld dat hij op zeer korte termijn zijn tuintje bij moet gaan werken anders krijgt hij een boete. Elk jaar stap ik de auto in, gewapend met tuinhandschoenen, heggenschaar en wat nog meer aan tuin benodigdheden om het oerwoud dat ondertussen is ontstaan, aan te vallen. Je kunt je afvragen wat loop jij te moederen? Die jongen is volwassen, laat hem zijn eigen verantwoordelijkheden dragen. Goed argument maar voor mij is het een uitstekende aanleiding om samen weer eens wat met mijn zoon te doen. Er zijn namelijk vele jaren geweest dat hij niet stond te trappelen op mijn aanwezigheid in zijn leven.

En zo rij ik afgelopen zaterdag met mijn partner naar hem toe. Ik zie er naar uit om de meest geliefde ziel in mijn leven te omhelzen. Hij werkt vijf dagen in de week. Op zaterdag slaapt hij graag uit. De afspraak is dat ik van te voren bel zodat hij de tijd heeft om uit bed te komen. Zo gezegd, zo gedaan. Hij neemt niet op. Ik app, na dertig minuten heb ik nog steeds geen reactie terug. Mijn hoofd begint te malen, ik begin te vloeken. Hij zal toch niet WEER *&^$##$%.

Mijn zoon is behept met het gen van de ziekte verslaving. Dit heeft hij zowel van mij als zijn vader. Zijn gedrag jegens mij is regelmatig onverdraagzaam maar wie ben ik om hem te veroordelen? Als moeder verdien ik niet de schoonheidsprijs. Zijn kinderjaren en jeugd hebben veel te lijden gehad door het feit dat ik mijn verslavingen en daarbij behorend gedrag voorrang heb gegeven boven zijn welzijn.Gedurende mijn herstel in de afkickkliniek heeft mijn zoon elk familiegesprek geweigerd. Twee jaar later en nog steeds clean, word ik opgenomen met hartklachten in het ziekenhuis. Ik realiseerde mij toen hoe fragiel het leven is. Vandaag ben ik er, morgen kan het zomaar over zijn. Daarom stond ik er toen op dat er een gesprek tussen hem en mij zou plaats vinden. Er waren toentertijd veel onbesproken issues tussen hem en mij.Ik bleef aandringen. Hij protesteerde. Op de vraag ‘waarom niet?’, antwoordde hij dat hij mij geen pijn wilde doen.

In het bijzijn van een begeleider, vindt er als nog een gesprek plaats. Een tweede gesprek zou volgen. Mijn zoon laat het afweten. Onze relatie loopt stroef.

De jaren verstrijken. Langzaam maar zeker ga ik door met het stappenwerk van het Minnesota programma. Stap 9 vraagt van mij dat ik spijt betoon aan de mensen die ik geschaad heb. Waar ik te kort ben geschoten in de opvoeding van mijn zoon, is mij ondertussen haarfijn duidelijk geworden.

Wederom vraag ik hem om met mij rond de tafel te gaan zitten. Hij laat weten dat hij er vreselijk tegen op ziet maar vooral bang is om mij te kwetsen. “Erger kwetsen kan niet meer jongen, je houdt mij op een afstand. Weet je hoe pijn dat doet? Dus, doe mij en jezelf een groot plezier, laat weten wat je dwars zit.” En dan komt eindelijk het hoge woord er uit. “IK HAAT JE!” Een hele stroom van verwijten wordt over mij heen gekieperd. Gelaten onderga ik twee emoties. Zowel pijn, want de beschuldigingen zijn niet van de poes maar vooral opluchting dat mijn zoon zijn zweer gevuld met de pus van haat heeft doorgeprikt.

Eenmaal zijn opgekropte wrok jegens mij uitgesproken begint hij te huilen. “Mam, hoe kan een kind zijn eigen moeder haten? Dat kan toch niet?”

Ik leg een hand op mijn zoon zijn arm: “Ik begrijp waarom jij je moeder haat jongen. Ook ik heb mijn moeder jaren lang gehaat, zelfs dood gewenst. Wat ik haar jaren heb verweten, heb ik jou aangedaan. Ik ben trots op je dat je het in mijn gezicht hebt durven te zeggen. Ik heb fouten gemaakt, tekort geschoten, het spijt mij maar kan het verleden niet meer terug draaien. Wat ik wel doe, is naar beste kunnen mijn leven beteren, clean blijven en er voor je zijn.” Na deze woorden houden mijn zoon en ik elkaar innig vast. Samen huilen we in elkaars armen. Ik troost hem en ben opgelucht dat hij zijn vrijheid vanaf vandaag tegemoet kan gaan. De wrok jegens mij hield hem gevangen om verantwoordelijkheid over het verloop van zijn eigen leven te dragen.

Elke keer als ik hem zie, springt mijn hart op van vreugde. Zijn gedrag jegens mij heeft nog wel wat te wensen over maar mijn toenaderingen worden vandaag de dag begroet met een warme en welgemeende omhelzing.

Op weg naar hem toe, heb ik mijn onmacht in de handen van mijn Hogere Macht gelegd en gebeden voor zachtaardige wijsheid en liefde. Mijn zoon moet zijn eigen pad belopen, in zijn tijd en op zijn manier. Eenmaal aangekomen opent hij vrolijk de voordeur. “Beetje laat geworden gisteren, ben net wakker geschrokken. Koffie?”. Nog geen uurtje later zit ik in zijn overwoekerde voortuintje. Met zijn drieën gaan we aan de slag. Mijn zoon dankbaar dat mijn partner en ik  hem een handje helpen, ik dankbaar dat de band tussen hem en mij aan het helen is. Er is weer licht en lucht in zijn tuintje en in onze relatie.

 

 

 

Reageer reacties (0)
LEES MEER...