‘Ik heb de eerste vijftien pagina’s van je manuscript gelezen en ik vind het echt heel mooi geworden!’ Annemarie houdt de geprinte pagina’s in haar hand en bladert er doorheen. ‘Ik zou willen dat ik zo veel tijd en aandacht aan mijn boek had besteed.’

Maar dat heb je toch ook gedaan? Ik heb echt genoten van jouw verhaal.’ In haar boek Vluchten naar de hel vertelt ze het verhaal van Cindy, die op 14 jarige leeftijd een speelbal was geworden van drugs. Ze kreeg te maken met jeugdzorg, loverboys en falende instellingen. Ik verslond het boek om te weten hoe het af zou lopen met Cindy.  

‘Ik heb het voornamelijk alleen gedaan, maar jij schroomt niet om hulp te vragen en je gaat door met schrijven tot je helemaal tevreden bent.’

‘Ja, maar dat is natuurlijk mijn perfectionisme. En dan heb ik het nog niet eens over feit dat ik de Ziekte van meer heb. Ik weet van geen ophouden, dat is toch ook niet normaal?’

‘En dus?’ zegt Annemarie verontwaardigd. ‘Je kunt ook kijken naar de voordelen van jouw perfectionisme en jouw ziekte van verslaving. Want juist omdat jij een perfectionist bent en nooit genoeg hebt, ben jij in staat om dit boek te schrijven. En dan heb ik het nog niet eens over jouw onuitputtelijke doorzettingsvermogen!’ ze kijkt me aan alsof ik niet anders kan, dan het met haar eens zijn.

Ik vertel Theo, mijn ex en nog steeds goede vriend, over het gesprek met Annemarie. Theo helpt mij bij de grammatica en planning van mijn boek. ‘Hoezo niet normaal? Jouw boek bestaat bij de gratie van jouw abnormaliteit. Wat mij betreft kun je er nu al trots op zijn.’

Het is zo fijn om te beseffen dat de ziekte van verslaving mij ook zoveel moois heeft gebracht. Ik ben in staat om een boek te schrijven over een wezenlijk onderwerp waar nog steeds een taboe op heerst. Door mijn Ziekte van meer kan ik doorgaan waar een ander het wellicht al lang had opgegeven. En de angst dat het niet goed genoeg is, of dat ik niet genoeg ben, laat mij ook kritisch naar mijn werk en mijzelf kijken, waardoor ik nooit genoegen neem met minder. Deze mooie eigenschappen gaan er misschien juist wel voor zorgen dat het een goed boek wordt. En laten we wel zijn, ik heb het niet voor niets de titel gegeven: Eén is te veel, duizend nooit genoeg.

Reageer reacties (0)
LEES MEER...